Matena woonde in Amsterdam en had een appartement in Turnhout waar hij langdurig ongestoord kon werken. Collega’s beschreven zijn methode: eerst de lay-out van stapels van soms vijfhonderd pagina’s, daarna tekst, figuren en pas later achtergronden. Die werkwijze leverde grote projecten op, zoals zijn bewerking van Kees de Jongen.
Uitgeverij L publiceert in juni een bundel met al zijn werk; Matena had er de laatste maanden nog aan gewerkt. In 1986 ontving hij de Stripschapprijs, een oeuvreprijs voor stripmakers. Mededelingen over zijn overlijden kwamen via Rob van Bavel en het ANP.